Herpetologische natuurreis Noordwest Italië 24 mei t/m 2 juni 2019

Deelnemers: Martin Edelman, Marcel Haak, Ruud Wolterman, Anton Roeloffzen en Marijn Meijer

Inleiding

Dit jaar is besloten om een herpetologische bestemming dichterbij te zoeken. Uiteindelijk vonden Marcel en ik Noordwest Italië interessant. Hier bevinden zich diverse amfibieën en een endemische adder die we graag wilden zien. Her en der werd informatie verzameld. Van Bobby Bok kregen we een goede locatie voor Noordelijke brilsalamander en Italiaanse grottensalamander. Verder gaf hij ons ook een paar nuttige tips. We waren hem daar erg dankbaar voor. Marcel en ik hebben de reis voorbereid. Onze medereizigers zijn Ruud, Marijn en Anton. Ronald Frank en Jur Terborg konden helaas niet mee.

Dag 1 - 24 mei

Dag 1 24 mei 2019

Rond half 4 's ochtends werden Marcel en ik opgehaald door de bestelde taxi. Na Anton opgehaald te hebben reden we naar Schiphol. Op Schiphol voegden Marijn en Ruud zich bij ons. Om ongeveer 7 uur  vlogen we naar Milaan. Nadat we in Milaan geland waren, haalden we onze huurbus, een Fiat Ducato op. Ruud was gedurende deze reis onze vaste chauffeur. We moesten ruim 200 km rijden naar ons eerste hotel. Ongeveer halverwege  stopten we om wat te eten en te drinken. We zochten wat in de omgeving en ontdekten onze eerste hagedissensoort: de Ruïnehagedis (Podarcis siculus). We vervolgden onze weg. In de buurt van ons eerste hotel stopten wij bij een beek. Hier werden de eerste Muurhagedissen (Podarcis muralis) en schorpioenen gespot. Door Marijn werd een nog onbekende kikkersoort gezien. We arriveerden vroeg bij Antiche Terre Hotel. We ontdeden ons van onze bagage, waarna we ons te goed deden aan een lekker glas bier. Rond het terras liepen fantastisch mooie mannelijke Muurhagedissen. We hadden nog genoeg tijd om de omgeving te verkennen. Al gauw zag Marcel een grot achter een stapel boomstammen verborgen. Gewapend met zaklampen daalden we af. Tot ons geluk werden de eerste grottensalamanders (Speleomantes ambrosii) door Marcel op de natte grotwand gevonden.  Er volgde een langdurige fotosessie. In de  grot werden daarnaast krekels, spinnen en slakken gevonden. Het verder onderzoeken van de omgeving leverde een Italiaanse hazelworm (Anguis veronensis) (vondst Martin) op. De plantendiversiteit was enorm. Martin en Ruud zagen een Geelgroene toornslang (Hierophis viridiflavus) oversteken. Ook werden nog twee Westelijke smaragdhagedisssen (Lacerta bilineata) gezien. Met een voldaan gevoel en een hoopvolle verwachting voor de komende dagen gingen we terug naar het hotel om te gaan dineren. Na het eten werd door een paar reisgenoten nog gezocht naar nachtelijke dieren.

Dag 2 - 25 mei

Dag 2 25 mei 2019

Na het ontbijt gingen we eerst een kijkje nemen bij de locatie, nabij de eerder ontdekte grot. Ruud ontdekte een mooie zonnende Westelijke smaragdhagedis. Verder zagen we onder andere een Brede tongorchis  (Serapias cordigera), een nog nader uit te zoeken amaniet en Aspergehaantjes. Hierna gingen we naar de door Bobby aangegeven interessante locatie. Bij de beek van de vorige dag aangekomen, zagen we langs de weg een zeil op houtsnippers liggen. Bij het keren van het zeil ontdekten we een Geelgroene toornslang. Hierna reden we in een ruk via de snelweg naar de beoogde locatie. Daar aangekomen volgden we een wandelpad het bos nabij een beek. Al gauw vond ik de eerste Noordelijke brilsalamander (Salamandrina perspicillata) onder een kleine boomstronk. Helaas was het maar een zeer klein exemplaar. Sommige van ons vonden in tegenstelling tot mij het diertje niet de moeite van het fotograferen waard.  Gelukkig voor deze ondankbaren vond ik even later een volwassen exemplaar onder een boomstronk. nu was er vol op aandacht. Anton maakte de zoektocht compleet door de grottensalamander  Speleomantes italicus onder een steen te vinden. Met hulp van mij werd het salamander netjes onder de steen vandaan gehaald. Ook hier volgde een fotosessie op. Aan de bovenkant van de beek werden door Marijn twee Gewone padden (Bufo bufo) gevonden. Verder verder re ook allemaal interessante planten en insecten gezien. Voor de terugweg besloten we de snelweg te mijden en bij interessant ogende plekken te stoppen. Nog maar net op weg zagen we een geweldig rommelplekje met steenhopen en houtstapels, hopen met houtsnippers en her en der wat afval. Gelijk vanaf het begin van deze  locatie liepen er Muurhagedissen en Ruïnehagedissen door elkaar heen. Ruud ontdekte een grote Geelgroene toornslang, die grotendeels onder een steen lag. Ik hielp met het vangen van het dier zodat we weer een mooie fotosessie konden starten. Even later zag Ruud een nog grotere Esculaapslang (Zamenis longissimus) opgerold liggen. Omdat hij zo glom dacht hij in eerste instantie dat hij dood was. Maar het dier was net verveld en daardoor op zijn mooist. Het dier liet zich makkelijk voor de foto manoeuvreren. Na deze geweldige stop zijn we een hele tijd doorgereden. De volgende stop was een door Marcel uitgezocht grot. Helaas konden we de grot niet vinden. Het aangegeven pad was totaal verwilderd en met onze beschikbare middelen onbegaanbaar. Een laatste stop werd gemaakt bij een interessant ogend gebiedje langs een riviertje/beek. Zo op het eerste gezicht was er niet veel te zien. Marcel ontdekte tegen de stroom aan een paartje voor hem onbekende vogels met jongen. Met zijn telefoon heeft een filmpje gemaakt. Na het filmpje beter bekeken te hebben zag ik dat het vermoedelijk om exoot ging. Ruud en ik hebben ondanks de verminderende lichtomstandigheden nog wat behoorlijke foto's kunnen maken. Ik zat zelf te denken oostelijk Aziatische zanger. Ruud heeft hem 's avonds voorgelegd aan een hem bevriende  vogelkenner.  Het bleek om een Japanse nachtegaal te gaan. Meer dan voldaan werd de reis vervolgd richting het hotel om onze verdiende avondmaaltijd te nuttigen. Na het eten zijn Anton en ik in de omgeving van het hotel nog op zoek gegaan naar nachtelijke dieren.

Geelgroene toornslang

Esculaapslang

Dag 3 - 26 mei

Dag 3 26 mei 2019

Nadat we ons te goed gedaan hadden gingen we in regenachtig weer op zoek naar een grot waar de grottensalamander Speleomantes strinatii zou moeten zitten. Onderweg zagen een paar waterbakken. Ruud offerde zich op om in de voorste bak te gaan scheppen. Hij ving veel larvale/juveniele en 1 adulte Alpenwatersalamander (Ichtyosaurus alpestris). In de achterste bak zaten alleen goudvissen. In het vervolg zagen we een bergberm met diverse orchideeën. Op de locatie aangekomen van de grot, bleek wederom dat het lastig is een grot te vinden. Ondanks verwoede klimpogingen van Ruud, Marijn en mij slaagden we er niet in de grot te vinden. We besloten langzaam terug te rijden naar ons hotel. Onder een vrachtwagenzeil bij een plaatse vonden we 2 Muurhagedissen. Een lunchstop werd gemaakt bij een ruïne. Er werd niets opmerkelijks gevonden. Er werd opnieuw een bezoek gebracht aan de beek, die we op de eerste dag bezochten in de hoop de kikker nu wel goed te zien te krijgen. Het lukte ons wederom niet om de bewuste kikker goed in zicht te krijgen. Wel werd een Meerkikker gezien (Pelophylax ridibunda). Het geluid van de vreemden kikker is wel opgenomen. Maar we moeten nog achterhalen bij welke kikkersoort dit hoort. We vingen diverse visjes. Het overgrote deel bestond uit Elritsen (Phoxinus phoxinus). We reden voorbij het hotel om nog een keer de succesvolle grot te bezoeken. We fotografeerden de grottensalamander net buiten de grot om heel mooie herinneringsfoto's over te houden. Na het eten ging een aantal van ons weer op fotojacht naar nachtelijke dieren.

Klauterpartij Ruud en Martin

Dag 4 - 27 mei

Dag 4 27 mei 2019

Met erg regenachtig weer gingen we op weg naar ons tweede hotel. We maakten een tussenstop bij een vooraf door Marcel uitgezochte grot, waar we mogelijk vuursalamanders (Salamandra salamandra) en grottensalamanders (Speleomantes strinatii) in of nabij konden vinden.  Door de overvloedige regenval waren we genoodzaakt om ons in regenkleding te hijsen. We vonden de grot. Het was een 15 meter diepe put. Geen van ons had een behoorlijke klimmerservaring en meegenomen klimtouw had maar een lengte van 10 meter. Dus er zat voor ons niets anders op dan in de omgeving hiervan stenen en hout te keren. Helaas vonden we geen salamanders. Wel werd een enkele Muurhagedis gevonden. Zeiknat zetten we onze reis voort richting het hotel. Bij het  BVH Bene Vagienna Hotel aangekomen checkten we in, borgen onze bagage op. en trokken droge kleren aan. Hierna namen we een pilsje, die door het personeel aangevuld werd met stukjes kaas en olijven. een half uur later lieten we ons de avondmaaltijd goed smaken. Er werd geen nachtelijke zoektocht ondernomen.

Dag 5 - 28 mei

Dag 5 28 mei 2019

Het eerste deel va. de ochtend besteedden we aan een bosachtige gebied in de omgeving van het hotel. We zagen hier Muurhagedis, Westelijke smaragdhagedis en Meerkikker. Door een aantal van ons werd een Ree gespot. Een afwijkende variant van het Bruin zandoogje (Maniola jurtina) vloog hier rond. Onze volgende bestemming was een gebied waar de Italiaanse springkikker (Rana latastei) voorkomt. Het gebied zag er geweldig uit. Echter we konden geen springkikker vinden. Ruud zag wel een Geelgroene toornslang wegschieten. Vele soorten spinnen lieten zich mooi bekijken. We hoorden in het veld verschillende Kwartelkoningen. In een klein grondig poeltje werden Amerikaanse rivierkreeften, een Blauwkeelzonnebaars (Lepomis macrochirus) en kikkervisjes van de Meerkikker gevangen. In de middag gingen op pad naar de plek van de Lanza's salamander (Salamandra lanzai). Inmiddels was het beginnen te regenen en dat beloofde goede vooruitzichten. Onderweg de berg liep een vleugellamme Slangenarend. Mogelijk is het dier tegen een auto opgevlogen bij de jacht op een slang. Op 3,8 km van de eerste locatie van de Lanza's salamander mochten we met de auto niet verder. Gelukkig was de tweede locatie van hieruit makkelijker te bereiken. De beek volgend omhoog stuitten we op verschillende Alpenmarmotten. Onder de gekeerde stenen was het nog behoorlijk droog. En ondanks dat we enorm veel stenen gekeerd hadden konden we geen salamander vinden. Vermoedelijk waren we nog iets te vroeg in het jaar en zaten de salamanders nog diep in de grond. Daarentegen zagen we wel veel mooie planten, zoals de Alpenkwastjesbloem (Soldanella alpina), en ook diverse Gewone morieljes (Morchella esculenta). We deden ook een poging in het iets lager gelegen bosgebied, maar ook hier waren we qua salamanders niet succesvol. Toch een beetje teleurgesteld gingen we richting het hotel op onze calorieën weer op peil te brengen. De volgende beloofde qua zon en temperatuur wat beter te worden zodat we besloten om dan richting de kust te trekken om mogelijk wat mediterrane soorten te scoren. Marijn is 's avonds nog een wandeling gemaakt. Hij ontdekte de plaats van Italiaanse boomkikker (Hyla intermedia) en Groene pad (Bufotes viridis).

Dag 6 - 29 mei

Dag 6 29 mei 2019

Nadat ik wat foto's van de omgeving van het hotel gemaakt had, gingen we op weg naar de kustomgeving. Een eerste stop leverde niet echt veel op. Wel werden wat leuke spinnen en kevers gezien. Het bleek erg lastig om goede locaties te vinden.  bij een zeer interessant ogend veldje waren veel goede stenen on te keren. Maar naast veel schorpioenen en andere geleedpotigen was het erg karig wat betreft reptielen. Hooguit enkele Muurhagedissen werden gespot. Uiteindelijk kwamen we bij een terreintje bij een riviertje terecht. Ruud vond onder een steen een jonge Adderringslang (Natrix maura). Er werden ook diverse Westelijke smaragdhagedissen gezien. Op de terugweg naar de hotel was de een na laatste stops een veldje langs de spoorweg. Naast veel insecten werden er enkele hagedissen gezien. De laatste stop betrof een grazig pad met aan het begin bebouwing. Hier werd een aantal Westelijke smaragdhagedissen gezien.Na het avondeten togen we in de (onverwachte) regen naar de plek die Marijn de avond daarvoor gevonden had. Het bleek een geweldige locatie met volop kwakende Italiaanse boomkikkers en Groene padden. Ondanks de regenval konden we behoorlijk mooie plaatjes maken. Voldaan zochten we het hotel weer op.

Concert van Italiaanse boomkikkers en Groene padden

Dag 7 - 30 mei

Dag 7 30 mei 2019

Na het ontbijt pakten we de bus in en gingen op weg naar het derde verblijf. We besloten de af te leggen 240 km in één ruk te overbruggen. Direct na aankomst bij Bosco Tenso Bed & Breakfast hebben we onze spullen in de kamers gezet en zijn de omgeving gaan verkennen. We vonden Muurhagedisen en Westelijke smaragdhagedissen. Op het pad ontdekte ik een Adippevlinder (Argiope adippe). Het was nog redelijk vroeg in de middag. We hadden nog tijd op de locatie van de Walseradder (Vipera walser) te onderzoeken. De weg er naar toe was stijl en zeker op het laatste deel erg steil. Ruud moest zijn stuurmanskunsten tonen om ons veilig boven bij het dorpje te loodsen. We speurden de weideachtige helling af. Anton zag onder een steen mogelijk een Aspisadder (Vipera aspis) liggen. Het dier was toen wij bij hem kwamen helaas vertrokken. Verder vonden wij diverse Gladde slangen (Coronella austriaca) en Italiaanse hazelwormen onder stenen. Er werd helaas geen adder meer gezien. De Voorjaarserebia (Erebia medusa) vloog hier rond. Tegen zes uur verdween de zon achter de bergkam en daarmee was die dag de kans verkeken op het zien van adders.  De 'gevaarlijk' weg terug werd ingezet. Terug bij ons verblijf genoten we van een lekkere pils. Hierna gingen we in het nabijgelegen stadje eten. Er werd na het eten nog door een aantal van ons naar nachtelijke dieren rond ons verblijf gezocht.

Dag 8 - 31 mei

Dag 8 31 mei 2019

We startten de ochtend met laaghangende bewolking en dat was gunstig voor de kans op de berg om adders aan te treffen Dus we hadden alle tijd om te ontbijten. Marijn besloot deze dag alleen een lange wandeling vanuit ons verblijf te maken.  Met zijn vieren reisden we af naar het addergebied.  Ook bergop naar het Walsergebied was er nog steeds laaghangende bewolking en de verwachting was dan ook dat pas wanneer op de bestemming waren de zon zou doorbreken. Echter bij het dorpje aangekoemn scheen de zon al volop. De kans om zonnende adders aan te treffen was daarom al kleiner. Er werden vele meters gemaakt zonder addersucces. Alleen werden weer een paar Gladde slangen en Italiaanse hazelwormen gezien. Een positieve verrassing was het aantreffen van Zwarte appollovlinders (Parnassius mnemosyne). Ik ontdekte ook een Bont dikkopje (Carterocephalus palaemon). Tot mijn grote blijdschap vonden Ruud en Marcel een tweede Carabus depressus, nadat Marcel de vorige dag er al een gevonden gehad. Nadat we het gebied wel behoorlijk uitgekamd hadden gingen we zoeken in een lagergelegen gebiedje wat ons op de heenweg heel interessant geleken had. Daar was echter nauwelijks wat te vinden. Onderweg konden we nog wat mooie plaatjes maken.  Vrij vroeg in de middag arriveerden we  bij ons verblijf. Marijn klauterde op dat moment nog op een bergtop. Geruime tijd later arriveerde hij ook. Nadat we in het nabijgelegen stadje gegeten hadden gingen Anton en ik nog op zoek naar nachtelijke dieren. We verdwaalden bijna. Uiteindelijk was de oogst prima.

Dag 9 - 1 juni

Dag 9 1 juni 2019

De dag begon al met volop zon, dus  had het geen zin om adders te zoeken. We besloten richting het gebied met een speciale loopkever (Carabus olympiae) te gaan en onderweg tussenstops te maken. De eerste tussenstop maakten we bij een stapel hout. Hier werden alleen Muurhagedissen gezien. Een volgden stop werd gemaakt bij een vijver. Het was verboden om het gebied te betreden. Daar trokken we ons echter niets van aan. In de vijver zwom een schildpad, mogelijk een Geelwangschildpad (Trachemys scripta troosti). Met het net schepten we diverse vissen en paddenlarven op. De vissen waren alle varianten van de Goudvis en werden hier waarschijnlijk gekweekt. Onder plank zag Ruud een Geelgroene toornslang wegschieten. In het naastgelegen grazige veld vlogen Zilveren manen (Boloria selene). Een volgende stop werd gemaakt bij een beekbedding. Ook nu was Ruud weer succesvol. Hij vond onder een steen een jonge Dobbelsteenslang (Natrix tesselata). Voordat we de noordhelling bereikten waar Carabus olympiae zich ophield reden we langs een dal vol met rododendronstruiken, een enorm mooi gezicht. Helaas werden op de noodhelling geen Carabussen gevonden. Wel vond ik een Euscorpius species en vond Ruud een Kuifmees, die goed op geluid reageerde. De vogel kon goed op de foto vastgelegd worden. In het gebied stonden ook diverse bijzondere planten. Hierna reden we naar ons verblijf terug, waarna we het een paar uur rustig aan deden alvorens naar het nabijgelegen plaatsje te lopen voor ons avondeten.  Op de terugweg in het donker werd door een Anton een Lindepijlstaart (Mimas tiliae) gespot. Ik spotte een mannetje glimworm.

Dag 10 - 2 juni

Dag 10 2 juni 2019

Na het ontbijt zochten we in de omgeving van ons onderkomen naar Westelijke smaragdhagedis en andere reptielen. Ruud zag op een composthoop een mooie, grote Geelgroene toornslang liggen. Ik kon er nog voordat het  het dier er vandoor ging een foto van maken. We pakten de koffers in en gingen we op weg naar het vliegveld. We namen weggetjes binnendoor zodat we nog wat stops konden maken. We stopten bij het Lago Maggiore voor een paar sfeerplaatjes. Daarna zagen we een bosachtig stuk met een aantal irrigatiekanalen. Hier vonden we naast Muurhagedis onder andere Tweekleurige parelmoervinder (Melitaea didyma) en Weidebeekjuffer (Calopteryx splendens). Een volgende en ook gelijk de laatste stop bracht ons bij een beek/water. Hier zagen we diverse vissen in zwemmen. Er vlogen diverse eiafzettende Braamparelmoervlinders (Brenthis daphne) rond, die niet of zeer kort gingen zitten. We kleedden ons om en pakten onze koffers definitief in.  Nadat we het busje ingeleverd hadden, checkten we op het vliegveld in. Zo rond 10 uur 's avonds kwam ik weer thuis aan.

Nawoord

De reis had qua score en beleving een tweeledig karakter. De eerste dagen vonden we zeer veel en waren dus erg succesvol. In het vervolg waren we nauwelijks succesvol. We konden een aantal grotten niet vinden. Voor de Lanza's salamander waren we mogelijk net iets te vroeg, voor de Italiaanse springkikker wat te laat. En voor de adders waren we niet gelukkig met de weersomstandigheden. Toch is de reis over het algemeen te bestempelen als zeer geslaagd. De sfeer was goed en we hebben er naar ons vermogen alles aan gedaan om bepaalde soorten te vinden. Voor volgende jaar werd het idee geopperd om een heel nieuw gebied te bezoeken, zodat de kans op teleurstellingen klein is, omdat de meeste soorten die gezien (kunnen) worden nieuw is voor ons.